3.4 Hechtingstheorie en Emotionally Focused Therapy (Bowlby en Sue Johnson)

John Bowlby (1907-1990), de Britse psychiater, die zelf opgevoed was door kindermeisjes en op kostscholen, ontdekte door zijn werk met emotioneel onaangepaste kinderen en zijn onderzoek naar Europese oorlogswezen na de Tweede Wereldoorlog dat er zoiets bestaat als emotionele uitdroging.

Samen met Mary Ainsworth schiepen zij de beroemd geworden onderzoekssituatie van het kind dat eerst met moeder in een kamer is, dan met moeder en een vreemde, dan gaat moeder weg en komt vervolgens terug.
Er komen dan verschillende hechtingspatronen naar voren:

  • Veilig gehecht: het kind zoekt moeder op na de verlating maar gaat direct erna door met spelen, het kind laat zich gerust stellen door moeder.
  • Vermijdend gehecht: het kind reageert nauwelijks op vertrek moeder en zoekt geen toenadering bij haar terugkeer, is bang om afgewezen te worden.
  • Ambivalent gehecht: Het kind stopt met spelen wanneer moeder de kamer verlaat en reageert heftig wanneer moeder weer terugkomt. Hij wijst moeder af en laat zich moeilijk troosten.
  • Gedesorganiseerd gehecht: het kind reageert heftig maar op uiteenlopende wijzen en er lijkt een strategie te ontbreken.

Voor Bowlby en aanhangers stond het vast: kinderen hebben absoluut behoefte aan veilige, langdurige, fysieke en emotionele intimiteit om uit te groeien tot evenwichtige volwassenen. Wanneer er sprake is van veilige ouders, ouders die reageren op de noden van hun kinderen, dan is het gevoel wat kinderen over zichzelf ontwikkelen, dat zij oké zijn. Zij kunnen vertrouwen opbouwen wat zich kan uitbreiden van de contacten met de ouders naar contacten met anderen. Later is er onderzoek op gang gekomen naar hechting tussen volwassenen en naar wat vroege hechting in de jeugdjaren te maken heeft met het hebben van stabiele liefdesrelaties als volwassenen (Hazan en Shaver). Uit dit onderzoek bleek dat volwassenen aangaven behoefte te hebben aan emotionele nabijheid van hun geliefde, dat het hen zelfvertrouwen gaf wanneer hun partner hen emotioneel tot steun was. Wanneer er onzekerheid optrad dan bleven ze afstandelijker.

► Video: Hazan en Shaver: Early attachment in subsequent relationships

Voor Sue Johnson (Johnson, 2009) was de ontdekking dat onder veel heftige relatie-problematiek een behoefte schuilt aan diepe emotionele verbondenheid met de ander een belangrijke ontdekking. Op deze ontdekking bouwde zij verder bij het ontwikkelen van Emotionally Focused Therapy voor koppels met relatieproblemen.

Als grondslag noemt Sue Johnson allereerst de hechtingstheorie. Vanuit die theorie noemt zij:

  • Relatieproblemen zijn een gevolg van een onveilige hechtingsrelatie
  • Veilige hechting is een voorwaarde voor exploratie van nieuwe mogelijkheden
  • Wanneer de veilige basis is hersteld krijgen mensen weer toegang tot hun probleemoplossende vermogens en communicatieve vaardigheden

Ook het systeemdenken krijgt een plaats binnen de therapie die Sue Johnson ontwikkelde:

  • De negatieve interactiecirkel wordt verhelderd.
  • Die negatieve interactiecirkel is het werkelijke probleem, niet de gedragingen van de ander

Invloeden vanuit de experimentele psychologie zijn:

  • Wanneer eerst emotionele blokkades verkend en geaccepteerd worden komen mensen pas toe aan persoonlijke groei en staat men open voor nieuwe ervaringen.
  • De nadruk ligt op het in het hier en nu ervaren en verdiepen van gevoelens

In het boek Houd me vast beschrijft zij negen stappen om uit de relatiecrisis te komen. In die stappen worden de pijnplekken verkend, de interactiecirkel wordt verhelderd, de achterliggende emotionele hechtingsbehoeften worden benoemd, kwetsuren vergeven, de band wordt versterkt en geblokkeerde gevoelens en behoeften integreert men in nieuwe interacties (Johnson, 2009, pp. 73-236).

Gesprek echtpaar: Een vorige keer kwam aan de orde in het relatiegesprek dat meneer zich alleen gevoeld heeft vroeger en dit voelt hij zich nu regelmatig weer: vrouw aan het werk, zoons naar school….We bespreken dat hij zich dan terugtrekt, wat we weergeven met het poppetje achter een muurtje te plaatsen. Hij voelt wel het verlangen naar de ander, maar uit angst voor onveiligheid blijft hij achter zijn muur en laat op die manier ook zijn vrouw en zoons niet toe.